help

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • help

Tussenwerpsel

help!

  1. roep om hulp
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
helpen

help

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van helpen
    • Ik help. 
  2. gebiedende wijs van helpen
    • Help! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van helpen
    • Help je? 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen

Meer informatie

Gangbaarheid


Angelsaksisch

Zelfstandig naamwoord

help v

  1. hulp
Overerving en ontlening


Engels

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

help

  1. hulp
vervoeging
onbepaalde wijs to  help 
he/she/it  helps 
verleden tijd  helped 
voltooid
deelwoord
 helped 
onvoltooid
deelwoord
 helping 
gebiedende wijs  help 

Werkwoord

help

  1. helpen
  2. bijdragen
Afgeleide begrippen